de Kouter -deel 1

DE KOUTER

triptiek van de Kouter, deel I

Kom, het plein
verliest zijn stafrijm,
zijn roestbruine alliteratie
met het verleden van laffe kussen.

Dit is een ommekeer,
we zijn geen imker meer.
In ontelbare raten van ratings en korven
laten we slechts honing toe tussen ons.

We hebben het voor goed verkorven
en dat maakt ons vrij. De muren,
partituren van de tijd,
zijn niet langer zwanger
van betekenis. Zelfs dit kiosk
van karton is hol
en biedt geen klankbord meer.
Kom, laat ons ongehoord
uit onze woorden klauteren en onze geparkeerde gedachten
toevertrouwen aan het onbeschreven blad tussen ons.

Wij, nerfgenamen van het nu.
En van het straks.

Wij, die ook één oester
kunnen koesteren,

en het platteland van het plein bezingen

alsof het gisteren was.

Wij zijn onze eigen kweek.
We blijven hier aan ribben kleven.
We krullen op. We slurpen ons.
We slaan en zalven als bivalven.
Op dit tweekleppig plein
zullen wij allitereren tot we dichter zijn.

© Steven Van de Putte

Foto © Hilda Careel